Ik heb een burn-out

Herken jij een aantal punten uit het onderstaande verhaal bij jezelf of bij iemand in jouw omgeving? Dan zijn er aanwijzingen dat er mogelijk sprake is van een burn-out. Doe de zelftest of neem contact op met MaarOokIk voor meer informatie.

“Jarenlang heb ik - achteraf gezien - alleen maar ‘aan’ gestaan. Veel werken, vroeg op, laat naar bed, veel bezig voor mijn gezin, voor andere mensen en weinig voor mezelf. Ontspanning zocht ik vooral in het kijken van films in de avonduren op het moment dat mijn vrouw en mijn dochter(s) op bed lagen. Daardoor werden mijn dagen langer en mijn nachten korter. Op de een of andere reden had ik deze vorm van ontspanning nodig. Later bleek deze levensstijl mij op te breken...

Foto van iemand die vermoeid is

Mijn jongere jaren

Van jongs af aan was ik altijd al erg gedreven. Ik wilde overal goed in zijn en verstopte dat niet onder stoelen of banken. Bij spelletjes was ik altijd fanatiek, ik wilde altijd winnen. Verliezen vond ik geen probleem zolang het spel maar eerlijk verliep. Daarnaast wilde ik altijd iedereen helpen en zag ik overal mogelijkheden om te verbeteren. Als kleine jongen kon ik al zien waar het bij volwassenen mis ging. Zij het niet in werkprocessen en de manier van dingen doen, dan wel in de communicatie onderling en fouten die daarbij optraden.

Waarom wilde ik iedereen helpen en verbeteren? Nu denk ik dat het onder andere met mijn ego te maken heeft gehad. Ik wilde iedereen laten zien wat ik in petto had. Daarnaast had ik het idee dat ik daadwerkelijk wat voor mijn omgeving kon betekenen en had ik moeite met het zien van inefficiëntie als dat met eenvoudige stappen een stuk efficiënter kon. Ik vond het vreemd dat men niet even een stapje achteruit kon doen om te kijken naar het geheel en in plaats daarvan alleen maar bezig was met het moment.

Tijdens mijn studie en werk

Deze karaktereigenschappen zijn mij tijdens mijn studie en vervolgens op mijn werk ook bijgebleven. Graag ging ik discussies aan met docenten over het nut van bepaalde onderwerpen en vakken. Waarom 8 weken bezig als dat in 2 weken ook kon? Waarom bepaalde stappen volgen, terwijl die ik mijn overtuiging overbodig waren? Op mijn werk vertaalde zich dat ook naar een stevige verbeterdrang. Ik kon niet gewoon bezig met alleen het uitvoeren van mijn taken, ik moest altijd kijken of het beter en sneller kon. Vaak kon dat in theorie ook, alleen bleek de praktijk wat weerbarstiger te zijn; ik kwam immers daarbij in aanraking met werkzaamheden die door andere al jaren werden uitgevoerd.

De eigenschap van continu willen verbeteren en daar veel tijd in willen steken, is altijd onderdeel van mij gebleven gedurende zowel mijn loopbaan als mijn privéleven. Maar dan wel op de onderwerpen waar ik zelf energie van kreeg.

Dit leidde uiteindelijk tot lange dagen op mijn werk, het werk mee naar huis nemen omdat ik wilde verbeteren, in mijn privéomgeving ook iedereen helpen tot in den treure zonder daar voor mezelf reële grenzen aan te stellen.

Een sprekend voorbeeld hierin is dat ik een heel drukke week op mijn werk had met veel reistijd. Om 6:00 uur op. 6:30 uur in de auto en pas weer rond 19:30 uur thuis en dat een week lang. Eerlijk gezegd was dat best een aanslag op mijn resterende energie. Een kennis (geen vriend, maar een kennis) van mij vroeg of ik hem ’s avonds kon helpen met zijn computer. Elk weldenkend mens had gezegd: “Ik wil je graag helpen, maar dat doen we dan even volgende week.”, maar ik zei: “Natuurlijk, ik kom er direct aan.”. Dit gedrag was erg typerend voor mij. Altijd voor iedereen klaarstaan, maar vrijwel nooit voor mezelf.

Ho, stop, tot hier en niet verder

De jaren verstreken. Ergens was er een stemmetje in mij dat zei dat ik ook tijd voor mezelf moest nemen en films kijken, deed ik erg graag. Verder veranderde er niets in mijn patroon: vroeg op, de hele dag bezig en ’s avonds films kijken tot ik zo moe was dat ik in slaap viel. Door het later naar bed gaan en daardoor minder te slapen dan nodig (ik sliep met hoge regelmaat maximaal 5 uur per nacht), heeft mijn lichaam na 15 jaar uiteindelijk gezegd: “Ho, stop, tot hier en niet verder.”

Dat uitte zich in het begin in draaierigheid en duizeligheid. Soms moest ik me even vastpakken aan een voorwerp omdat ik het gevoel had dat ik kon omvallen. Daarnaast werd ik wat kribbiger en korter af tegen mijn vrouw en mijn kinderen. Toen dit vaker gebeurde, ben ik naar de huisarts geweest om mijzelf te laten onderzoeken. Een controle van de huisarts en een daaruit volgend bloedonderzoek wees niets uit. Enige tijd later meldde ik me weer bij de huisarts met dezelfde klachten. Toen kwam zij er achter dat ik een te lage vitamine D-gehalte in mijn bloed had. Ik dacht: “Mooi, supplementen er in en hoppa, ik ben er binnenkort weer.”.

Niets was minder waar. De problemen waren in de loop van de maanden erger geworden. Ik had soms het gevoel dat ik kon flauwvallen, dan moest ik me vastpakken of opnieuw zitten in de stoel of soms zelf even rechtop gaan staan. Ik had hartkloppingen en tintelingen in mijn linkerarm en linkerhand. Dat vond ik hartstikke eng, doodeng zelfs. Daarnaast werd ik thuis nog minder leuk, omdat mijn energie opraakte.

Toen ik me weer meldde bij de huisarts, kwam de huisarts tot de conclusie dat ik hoogstwaarschijnlijk een burn-out had.

"Je hebt een burn-out"

Ik kon mijn oren niet geloven. Ik? Een burn-out? Je bent gek! Hoezo, ik een burn-out? Ik laat alles van me afglijden, ik maak me nergens druk over, ik een burn-out, dat kant niet.

Ik voelde de wereld onder mijn voeten verdwijnen. Wat een faal was ik. Hoe kan ik nou een burn-out krijgen? IK notabene. Van binnen moesten ik lachen en huilen tegelijk. Ik kon het niet geloven. Hoe moest ik dan mijn gezin onderhouden? Het gesprek met de huisarts ging verder en aan het einde van het gesprek geloofde ik het wel. De belangrijkste woorden van haar waren voor mij op dat moment: “Dit kan iedereen overkomen, het overkomt vaak mensen die zich heel verantwoordelijk voelen.”, en dat waren de woorden die mij hielpen om te accepteren dat het ook mij kon overkomen.

Vanaf dat moment heb ik me ziek gemeld en mezelf er aan toegegeven. Toen ik mezelf er geestelijk aan had toegegeven, vond mijn lichaam het ook het juiste moment om in elkaar te storten.”

Het herstel ging gelukkig sneller dan we verwacht hadden, het duurde maar een half jaar voordat ik mijn leven weer verder kon oppakken. Mijn vrouw is een ongelooflijk goede steun hierbij geweest. Het was een zware tijd en voor jou zal het waarschijnlijk ook een zware tijd worden. Maar onthoud: er is licht aan het einde van de tunnel. Werk aan jezelf, werk aan de factoren waardoor je in de burn-out terecht bent gekomen en dan kom je er wel.

Met behulp van Debbie pak je je burn-out aan beide hoorns vast en ga je daar het gevecht mee aan. Neem contact op om te komen tot een intakegesprek.